media, consumenten en internetgebruik
Internet is een platform waarop iedereen op de wereld zichzelf, een mening, een product of dienst, zijn voorkeuren en noem maar kan presenteren. Dus: zo ongeveer alles wat er is of kan, kan op internet geplaatst, gezocht en gevonden worden.
Het verschil tussen traditionele media en internet.
Traditionele media zoals kranten, TV, billboards, displays informeren mensen. Iemand stelt zijn of haar eigen verhaal of advertentie op en publiceert dat. De consument wordt er bewust of onbewust mee geconfronteerd. Maar, per dag krijgt het menselijk brein vier- tot achtduizend reclame-impulsen te verwerken. Slechts een klein daarvan laten de mensen toe. De media, die geschoeid zijn op informatieverstrekking noem ik “Traditionele Media”. In een bepaald opzicht geldt dit ook voor internet. Immers, bedrijven en instellingen plaatsten hun eigen site op internet, meestal vanuit de optiek dat ze anderen willen informeren. Toch noem ik Internet en andere moderne interactieve media “Nieuwe Media”.
“Internetten” is een werkwoord, je doet het actief en bewust.
“Nieuwe Media” zijn anders en worden anders gebruikt dan de “Traditionele Media”. We gebruiken ze actief. We internetten, googlen, SMSen enz, allemaal werkwoorden. De gebruikers zijn er actief mee bezig. Ze zoeken iets en gaan internetten. De gebruiker zoekt doelgericht. Internet aanzetten doet niks. Pas als je intikt wat je wilt weten gebeurt er iets, dan ben je aan het internetten. Heb je niet het goede gevonden of zoek je meer diepgang, dan ga je verder.
De modern consument zoekt, vraag(behoefte) gestuurd.
Al internettend ga je zoeken vanuit je eigen denkwijze. Je zoekt naar een product of dienst op de manier waarop jij dat product of dienst beleeft. Je zoekt bijvoorbeeld een fiets, waarmee je de dingen kunt doen die bij jou passen. Al zoekend kom je steeds dichter bij de voor jou ideale fiets. En dan ga je kijken waar je die kunt kopen. Dan worden prijs, locatie, service en bekendheid van de leverancier belangrijk. Natuurlijk zijn er ook mensen die direct naar de site van hun fietsenspeciaalzaak gaan en kijken of hij het product heeft dat aansluit bij jou wensen.
Zoekmachines registreren vaak voorkomende “manieren van zoeken”
Hoe sterk we ook van elkaar verschillen, we hebben ook veel gelijke kenmerken. Dat heeft te maken met onze opvoeding, scholing, taal en taalgebruik, woonomgeving, soort werk,sport- en vrijetijdsbesteding en interessesferen. De in de vorige eeuw gebruikte vormen van doelgroepindeling naar welstands-, inkomens- en bijvoorbeeld opleidingsklassen zijn te eng geworden. De moderne mens laat zich niet zo gemakkelijk meer in één of twee hokjes duwen. Google, maar ook anderen, registeren met behulp veelvuldig ingetikte woorden of woordcombinaties hoe mensen zoeken en waarderen sites met producten of diensten waar veel vraag naar is met een hoge ranking op internet. Die registratie gebeurt geautomatiseerd.
Een site moet door Google goed gelezen kunnen worden
Nou kun je natuurlijk een hele mooie en spectaculaire site bouwen. Dat is leuk voor de bouwers. Zij kunnen er hun creativiteit op botvieren. Maar mooi is een subjectief begrip en dus niet geautomatiseerd te kwalificeren. De site moet in eerste instantie opgebouwd zijn op de manier, die voor zoekmachines goed leesbaar is. En de creativiteit is een volgend aspect.
De inhoud is het belangrijkst en pas daarna komt de verpakking
Dit lijkt misschien op vloeken in de kerk. De laatste decennia van de vorige eeuw stonden immers in het teken van de “aantrekkelijkheid van de verpakking”. Mensen identificeerde zich met “de verpakking” om maar bij een bepaalde groep te horen. Nog steeds is de verpakking belangrijk, maar behalve zoekmachine-technisch wordt ook ten gevolge van de toenemende individualisering de inhoud steeds belangrijker.
Een website bouwen, die goed geïndexeerd wordt op Google
Het ideale koppel om een website te bouwen bestaat uit, een schrijver, een creatieveling en een zoekmachine-epert. Met een zoekmachine-expert bedoel ik dus bewust niet een softwarebouwer. De basissoftware en de gewenste functionele toepassingen kan vrijwel altijd gevonden worden in open source software.
Open source software is veilig en altijd up to date
Ook de overheid stimuleert het gebruik van open source software. Duizenden mensen, die open source software elke dag gebruiken leveren immers ook weer elke dag nieuwe input voor modernisering en verbetering van het systeem. Bovendien wordt je als bedrijf of instelling niet afhankelijk van één bedrijf of specialist..
Wil je met ons praten over onze werkwijze ten aanzien van het bouwen van websites, bel of mail ons; herve[at]innovelty.nl, jos[at]innovelty.nl, tel. 073-5943960.
Kijk ook eens op: www.innovelty.nl
Plasterk’s acht miljoen is verspild geld en Brinkman’s media voorstel is absurd!
De redenering achter deze uitspraak is vrij simpel. De verschillende krantenuitgevers hebben alle kans gehad om geleidelijk te innoveren met het geld dat ze verdienden toen ze nog het belangrijkste medium waren. Ze hebben er toen echter voor gekozen om protectionistisch te werk te gaan, digitale innovaties de kop in te drukken en hun aandeelhouders te spekken. Het vreemde is dat Pasterk ze daar op dit moment voor gaat belonen. De reinste concurrentie vervalsing dus.
Het voorstel van Brinkman is helemaal absurd. Hij stelt namelijk voor om het minder ver ontwikkeld medium in te zetten, door middel van een heffing, voor het in stand houden van een uitstervend medium.
Prometheus, the Media Revolution is gestart
Nadat ik de 21 Tips Voor Plasterks Pers op Henk Blanken’s Media blog las, moest ik direct denken aan de Prometheus video denken, waar ik al vaker aan heb gerefereerd. De traditionele media aan het staats infuus om zo iets in leven te houden dat geen bestaansrecht in zijn huidige vorm meer heeft. Grappig en logisch dat dit tegelijk met de ‘economische crisis’ voorkomt.
Hans Blanken heeft gelijk dat het niet allemaal tegelijk kan…
Maar ik vraag me wel sterk af of er nog wel een andere keus is voor de kranten, ze hadden immers in 2000, na de .COM zeepbel was gebarsten, al moeten inzien dat het anders zou moeten. Toen was immers al duidelijk dat internet en digitale media de toekomst hadden, al was het niet de toekomst die toen werd getoond. We zijn nu bijna tien jaar verder en de krant is nog niets veranderd op het tabloid formaat na. Nog steeds geen links naar andere media, te weinig diepgang, enkel de standaard persmedewerker verhalen en geen journalistiek. De kranten wereld moet op zijn kop, maar op eigen kracht niet en met extra belastinggeld.












